Wij verhogen uw pensioen per 1 januari 2026 met 3,16%. Deze verhoging kunnen we geven door de versoepelde regels van de overheid en ons verhogingsbeleid. Op deze pagina leest u er meer over.
Pensioen laten meegroeien met prijsstijgingen
Ons doel is om voor onze deelnemers en pensioengerechtigden een goed pensioen te verzorgen. Volgens ons beleid proberen we de pensioenen mee te laten groeien met de prijsstijgingen van de consumenten prijsindex (CPI). We kijken hierbij naar de prijsstijging ten opzichte van vorig jaar.
Financiële positie goed genoeg
We kunnen de pensioenen verhogen als onze financiële positie goed genoeg is. Voor het besluit over het verhogen van de pensioenen, was de beleidsdekkingsgraad (gemiddelde van de laatste 12 dekkingsgraden) op 31 oktober 2025 bepalend. Onze beleidsdekkingsgraad was toen 124,1%. Deze was hoog genoeg om de pensioenen met 3,16% te verhogen. Daarmee zorgen we ervoor dat de verhoging voor komend jaar aansluit op de prijsstijging van afgelopen jaar.
Verhoging op basis van versoepelde maatregelen overheid
Met de komst van de Wet toekomst pensioenen versoepelde de overheid de regels om de pensioenen te mogen verhogen. Door gebruik te maken van de versoepelde regels, kunnen we de pensioenen met 3,16% verhogen. De overheid geeft hier wel drie voorwaarden bij. Deze voorwaarden zijn:
- de beleidsdekkingsgraad en actuele dekkingsgraad van het fonds moeten minimaal 105% zijn;
- de actuele dekkingsgraad mag niet onder de 105% zakken door de toeslagverlening, en
- het pensioenfonds gaat de pensioenen bij het fonds omzetten naar de nieuwe pensioenregeling.
Ons fonds voldoet aan deze drie voorwaarden.
Voordelen en nadelen op een rij
Het bestuur moet een evenwichtig besluit nemen over het gebruikmaken van de versoepelde regels. Dat betekent dat we de voor- en nadelen van deze verhoging voor iedereen die bij ons pensioen opbouwt, heeft opgebouwd of van ons krijgt, meenemen bij het nemen van een besluit. De gevolgen van de verhoging voor de deelnemers heeft het bestuur op een rij gezet.
Hoe heeft het bestuur dit gedaan?
Het bestuur heeft voor iedereen die bij ons pensioen opbouwt, heeft opgebouwd of van ons krijgt, gekeken wat het betekent als we de pensioenen laten meegroeien met de prijsstijgingen. Voor nu en voor de toekomst.
Op de korte termijn is het extra verhogen van pensioenen voor alle deelnemers positief: alle pensioenen gaan per 1 januari 2026 omhoog met hetzelfde percentage als de inflatie. Dit past bij de ambitie van het fonds om een pensioen na te streven dat meestijgt met de prijsontwikkeling. De deelnemers die nu al pensioen ontvangen, merken de extra verhoging direct in hun portemonnee.
Door de verhoging van de pensioenen daalt echter de dekkingsgraad. Daardoor kunnen toekomstige verhogingen lager uitvallen. Die gevolgen zijn groter voor jongere deelnemers dan voor oudere deelnemers, met name als ze nog pensioen opbouwen bij dit fonds. De versoepelde toeslag heeft ook effect op de hoogte van uw kapitaal bij de start van de nieuwe pensioenregeling op 1 april 2027. Verderop gaan we hier nader op in.
De hiervoor genoemde effecten van de verhoging heeft het bestuur meegewogen in zijn besluit om extra te verhogen. Daarbij heeft het bestuur ook gekeken naar de effecten van het toepassen van de versoepelde regels in 2022 en 2023.
Alles overwegend, kwalitatief en kwantitatief, acht het bestuur het een evenwichtig besluit om de pensioenen te verhogen met 3,16%.
Effect van de verhoging per leeftijdscategorie
Onderstaande grafiek laat zien wat de effecten zijn per leeftijdscategorie op het verwachte pensioenresultaat naar de toekomst toe.
-
Roze lijn
De roze lijn laat de invloed van de verhoging zien als we een verhoging van 1,56% hadden gegeven. Deze verhoging was mogelijk volgens ons verhogingsbeleid, zonder de versoepelde regels van de overheid. -
Paarse lijn
De paarse lijn laat de invloed zien van de verhoging van 3,16% op de pensioenopbouw per leeftijdscategorie. Dit is de verhoging volgens ons verhogingsbeleid en de versoepelde regels van de overheid.
We hebben de effecten op het verwachte pensioenresultaat bekeken voor verwachte toekomstscenario's (mediaan) en voor scenario's waarin het minder goed gaat met de economie (slechtweerscenario's). In onderstaande tabel staan de percentages die horen bij verschillende leeftijden.
-
Verhoging 1,56% volgens verhogingsbeleid
De bovenste tabel laat de percentages zien met de verhoging volgens ons verhogingsbeleid, zonder de versoepelde regels van de overheid in verwachte toekomstscenario's en in scenario's waarin het minder goed gaat met de economie. -
Verhoging 3,16% volgens verhogingsbeleid en versoepelde regels
De onderste tabel laat de percentages zien met de verhoging volgens ons verhogingsbeleid en de versoepelde regels van de overheid in verwachte toekomstscenario's en in scenario's waarin het minder goed gaat met de economie.
In bovenstaande grafiek en tabel is zichtbaar dat de oudere deelnemers, en met name deelnemers die pensioen ontvangen, voordeel hebben van het extra verhogen van de pensioenen. Zij ontvangen vanaf 1 januari 2026 daadwerkelijk een hoger pensioen. Jongere deelnemers zien hun toekomstige pensioen op 1 januari 2026 ook stijgen, maar zullen deze extra verhoging niet ontvangen over eventueel toekomstige pensioenopbouw. Alles bij elkaar opgeteld laat de grafiek een kleine daling in verwacht pensioenresultaat zien voor deelnemers tot circa 40 jaar.
Het bestuur heeft ook gekeken naar de effecten van de verhoging op het omzetten van de pensioenen naar de nieuwe pensioenregeling. Het effect is bekeken voor een aantal verschillende leeftijden. De tabel laat alleen de effecten zien op het moment van overgang en niet de effecten van toekomstige ontwikkelingen.
Onze conclusie
- Met name de oudere deelnemers hebben voordeel van een extra verhoging.
- De pensioenuitkeringen van pensioengerechtigden gaan direct omhoog met 3,16%, dit is extra van belang door de relatief hoge inflatie. Deze verhoging is gelijk aan de prijsstijging van afgelopen jaar. Dit sluit aan bij de ambitie van het fonds.
- De jongere deelnemers die nog pensioen opbouwen, hebben minder voordeel van deze verhoging dan de oudere deelnemers en de mensen die al pensioen ontvangen. Jongere deelnemers hebben tot nu toe minder pensioen opgebouwd dan wanneer er op een later moment een verhoging zou zijn. Hierdoor is de invloed van de extra verhoging nu minder groot. Bij deelnemers tot circa 40 jaar is een lichte daling in verwacht pensioenresultaat te zien.
- Bij eerdere extra verhogingen in 2022 en 2023 waren soortgelijke effecten te zien.
- Het bestuur heeft de voor- en nadelen tegen elkaar afgewogen, waarbij het bestuur vindt dat de versoepelde toeslag ondanks de verschillende effecten evenwichtig is. Daarbij is er ook gekeken naar de gevolgen van het meermaals toepassen van de versoepelde regels. De effecten van de extra verhoging van dit jaar op toekomstige verhogingen, naast die van 2022 en 2023 zijn geen doorslaggevend argument om de pensioenen nu niet volledig te verhogen.
Hierbij heeft het bestuur meegewogen dat het fonds op dit moment een hoge dekkingsgraad heeft (131,5% per eind oktober 2025). Het niet doorvoeren van een extra verhoging, terwijl we streven naar pensioenen die meestijgen met de inflatie en terwijl de dekkingsgraad hoog is, kan als niet evenwichtig worden gezien.
Belangrijk daarbij is dat na de extra verhoging nog een hoge dekkingsgraad overblijft. Hierdoor is de verwachting dat er bij het overgaan naar de nieuwe pensioenregeling voldoende vermogen is voor een evenwichtige verdeling. Ook voor de jongere deelnemers. In de beoordeling van de evenwichtigheid van de transitie worden de effecten van de extra verhogingen meegewogen.
Hebt u nog vragen?
Neem dan contact met ons op.
Laatste versie 6 januari 2026
EN